wiskunde: vraagstukken

Info

Op deze pagina leg ik je uit hoe je vraagstukken in het tweede middelbaar kunt oplossen met een vergelijking met een onbekende. Er zijn drie filmpjes over drie soorten vraagstukken: je hebt letterlijke vraagstukken waar je meteen een vergelijkingen van kunt maken: er zijn tijdsvraagstukken waar je een vergelijking kunt moet maken in de andere tijd; er zijn waardevraagstukken waar de vergelijking gemaakt wordt van de waarde van de onbekende.
Telkens wordt er met een voorbeeld het vraagstuk uitgelegd en volgt er nog een extra voorbeeld zodat je het even kunt oefenen!

Veel plezier!

LETTERLIJK VRAAGSTUK
Een eerste soort vraagstukken noem ik letterlijke vraagstukken omdat je met de informatie uit de tekst meteen je onbekende kunt aanduiden en in symbolen meteen een vergelijking kunt maken.
TIJDSVRAAGSTUK
In een tijdsvraagstuk wordt er gewerkt met twee of meer tijden. Een tijd is niet alleen een jaartal maar kan ook na een gebeurtenis zijn. In de video zie je dat ik twee (of meerdere) tabellen maak, eentje per tijd. De kolom waar extra informatie gegeven wordt, gebruik ik om de vergelijking op te stellen.
WAARDEVRAAGSTUK
Een waardevraagstuk is verdieping maar ik vind dat eens je de werkwijze begrepen hebt, je alle soortgelijke oefeningen eenvoudig kunt oplossen. In dit soort vraagstukken zijn er twee grootheden: een grootheid die gevraagd is, vaak is dit het aantal stuk; de andere grootheid toont een waarde van de eerste grootheid. Vaak is die tweede grootheid geld, maar het kan ook in aantal pootjes uitgedrukt zijn bijvoorbeeld.